Rouw na scheiding: een verlies dat erkenning verdient

Een scheiding hoort bij de meest ingrijpende gebeurtenissen die iemand kan meemaken. Toch wordt de pijn die ermee gepaard gaat vaak onderschat. Mensen krijgen te horen dat ze ‘verder moeten gaan’ of dat het ’tijd nodig heeft’. Maar wat velen ervaren, is iets anders: echte rouw. Rouw om een persoon die er nog wel is, maar niet meer op dezelfde manier. Rouw om een gedeeld leven dat niet meer bestaat.

Dezelfde pijn, andere vorm

Wetenschappelijk onderzoek laat zien dat rouw na een scheiding veel overeenkomsten vertoont met rouw na een overlijden. Onderzoekers Papa, Lancaster en Kahler vergeleken in 2014 de reacties van drie groepen: mensen die een dierbare hadden verloren door overlijden, mensen die gescheiden waren, en mensen die hun baan hadden verloren. Hun onderzoek liet zien dat de drie groepen dezelfde patronen van rouw, posttraumatische stress en depressie vertoonden. De intensiteit van de rouw werd vooral bepaald door hoe lang het verlies geleden was en hoe belangrijk de verloren persoon of rol was voor iemands identiteit.

Dit betekent dat de pijn na een scheiding net zo echt is als de pijn na een overlijden. Het verschil zit hem niet in de intensiteit, maar in de omstandigheden. Bij een scheiding leeft de ander nog. Er kunnen kinderen zijn die nu twee adressen krijgen. Er is geen afscheidsritueel, geen condoleances, geen rouwverlof. De samenleving erkent dit verlies vaak niet als ‘echte’ rouw.

Wat maakt scheidingsrouw zo complex?

Onderzoek van Wanberg en collega’s uit 2022 bracht in kaart hoe een scheiding mensen beïnvloedt op hun werk. Mensen die midden in een scheidingsproces zaten, ervoeren meer negatieve gevoelens, presteerden minder en hadden meer gezondheidsklachten dan mensen die al langer gescheiden waren. Opvallend was dat deelnemers rapporteerden dat ze moeite hadden met concentreren door steeds terugkerende gedachten en emoties. Dit patroon van piekeren en het telkens opnieuw beleven van het verlies is kenmerkend voor rouwprocessen.

Tegelijkertijd gaf bijna 40% van de deelnemers aan dat de scheiding ook positieve effecten had op hun werk of carrière. Voor sommigen maakte het tijd en energie vrij die eerder opgingen aan een moeilijke relatie. Dit laat zien dat scheidingsrouw geen eenduidig verhaal is. Opluchting en verdriet kunnen naast elkaar bestaan.

Recent onderzoek van Guzmán-González en collega’s (2025) identificeerde vijf verschillende profielen van aanpassing na een scheiding: twee groepen met overwegend positieve uitkomsten en drie groepen die langdurig worstelden. Factoren zoals hechtingsonzekerheid, het kunnen vergeven van de ex-partner en moeite met emotieregulatie speelden een rol bij wie het moeilijker had.

Kinderen rouwen ook

Een scheiding raakt niet alleen de partners. Kinderen verliezen het gezin zoals zij dat kenden: de vanzelfsprekendheid van twee ouders onder één dak, de dagelijkse routines, soms hun huis of school. Onderzoek laat zien dat kinderen die een scheiding meemaken een verhoogd risico hebben op emotionele en gedragsproblemen. De intensiteit van de scheiding, zoals het niveau van conflict tussen ouders, blijkt daarbij een sterkere voorspeller dan de scheiding zelf.

Kinderen doorlopen hun eigen rouwproces, met gevoelens van boosheid, verdriet en verwarring. Therapeute Patricia Papernow benadrukt het belang van taal geven aan deze gevoelens: kinderen hebben woorden nodig voor hun verlies, hun loyaliteitsconflicten, en alles wat er veranderd is. Steungroepen voor kinderen van gescheiden ouders richten zich precies hierop: normaliseren van gevoelens en leren praten over wat ze doormaken.

Wat helpt kinderen? Studies wijzen consistent op het belang van contact met beide ouders, het behouden van stabiliteit in hun dagelijks leven (dezelfde school, vrienden, buurt), en open communicatie. Wanneer ouders erin slagen hun eigen rouw te verwerken en het conflict te beperken, heeft dat een beschermend effect op hun kinderen.

Wat kan helpen?

Uit onderzoek van Brodbeck en collega’s (2022) naar een online rouwinterventie voor zowel nabestaanden als gescheiden mensen, bleek dat twee vaardigheden helpend waren: emotieregulatie en het vertrouwen in eigen copingvaardigheden. Deelnemers die beter leerden omgaan met hun emoties en meer vertrouwen kregen in hun vermogen om met het verlies om te gaan, ervoeren minder rouwsymptomen.

Op basis van het beschikbare onderzoek zijn er enkele aanbevelingen te formuleren:

Erken je rouw. Wat je voelt is een normale reactie op verlies, ook al is er niemand overleden. Gun jezelf de ruimte om te rouwen.

Zoek sociale steun. Onderzoek laat consequent zien dat sociale steun beschermt tegen langdurige klachten. Praat met mensen die je vertrouwt.

Werk aan emotieregulatie. Leer herkennen wat je voelt en vind manieren om met intense emoties om te gaan zonder erdoor overspoeld te worden.

Wees geduldig met jezelf. Herstel kost tijd. Onderzoek laat zien dat mensen na afronding van de scheiding verbetering ervaren in hun functioneren.

Overweeg professionele hulp. Als je merkt dat je vastloopt in negatieve gedachten, moeite hebt met dagelijkse bezigheden, of je klachten na langere tijd niet afnemen, kan een gesprek met een hulpverlener zinvol zijn.

Tot slot

Rouw na een scheiding verdient erkenning. De pijn is reëel, ook al past die niet in het traditionele beeld van rouw. Voor sommigen is een scheiding een opluchting, voor anderen een langdurig verlies. Beide ervaringen zijn geldig. Door te begrijpen dat scheidingsrouw vergelijkbare patronen kent als rouw na overlijden, kunnen we mensen beter ondersteunen in een van de moeilijkste periodes van hun leven.


Bronnen

  • Papa, A., Lancaster, N. G., & Kahler, J. (2014). Commonalities in grief responding across bereavement and non-bereavement losses. Journal of Affective Disorders, 161, 136-143. https://doi.org/10.1016/j.jad.2014.03.018
  • Wanberg, C. R., Csillag, B., & Duffy, M. K. (2022). After the break-up: How divorcing affects individuals at work. Personnel Psychology, 76(1), 77-112. https://doi.org/10.1111/peps.12547
  • Guzmán-González, M., Gómez, F., Lafontaine, M., & Tay-Karapas, K. (2025). Profiles of Psychological Adjustment to Divorce and Separation. Journal of Marital and Family Therapy, 51(3). https://doi.org/10.1111/jmft.70055
  • Brodbeck, J., Berger, T., Biesold, N., Rockstroh, F., Schmidt, S. J., & Znoj, H. (2022). The Role of Emotion Regulation and Loss-Related Coping Self-efficacy in an Internet Intervention for Grief. JMIR Mental Health, 9(5), e27707. https://doi.org/10.2196/27707
  • Papernow, P. L. (2018). Clinical Guidelines for Working With Stepfamilies: What Family, Couple, Individual, and Child Therapists Need to Know. Family Process, 57(1), 25-51. https://doi.org/10.1111/famp.12321
  • Wilkins-Clark, R. E., Wu, Z., & Markham, M. S. (2024). Experiences of post-divorce parentification and parental affection: Implications for emerging adults’ well-being. Family Relations, 73(4), 2690-2708. https://doi.org/10.1111/fare.13013

Lees nog meer